Interlude (Benjamin Britten)
Benjamin Britten (1913 – 1976) was een Engelse componist, pianist en dirigent. Britten volgde les aan Gresham’s School te Holt, Norfolk. Als kind componeerde hij ongeveer 800 werkjes. Britten had pianolessen bij Harold Samuel en compositieles bij Frank Bridge. Dankzij een beurs kon hij studeren aan het Royal College of Music in Londen.
Een beroemd koorwerk van Britten is de ‘ Ceremony of Carols’ voor vrouwenkoor en harp en dat in de kerstperiode veel wordt gespeeld. De Interlude is de harpsolo uit het werk.
Marije Vijselaar – Opname: PortSite
Cambria (John Thomas)
John Thomas (1826 – 1913) was een uit Wales afkomstige harpist en componist. John Thomas was opgegroeid met de triple harp en zijn talent bleef niet onopgemerkt. Op 14 jarige leeftijd werd hij aangenomen op de ‘Royal Academy’ in Londen, waar hij zich omschoolde op de pedaalharp.
Hij bleef trouw aan zijn erfgoed en heeft vele volksmelodieen bewerkt voor de pedaalharp. Zo ook dit duo ‘Cambria’ wat ‘van Wales’ betekent waar Thomas drie volksmelodien heeft uitgewerkt: ‘Y Gadlys’, ‘Y ferch o’r sger’ en ‘Tros y garreg’.
DuoDyade (Marije Vijselaar en Colet Nierop)
Clair de lune (Claude Debussy)
Claude Achille Debussy (1862 -1918) was van eenvoudige komaf en werd er binnen het gezin Debussy weinig aan muziek werd gedaan, toch werd zijn talent al vroeg ontdekt. Dankzij bemiddeling van de schoonmoeder van de dichter Paul Verlaine, madame Mauté, mocht hij in 1873 naar het ‘Conservatoire de Paris’, waar hij pianoles kreeg van Antoine François Marmontel en harmonieleer van Émile Durand. Ook volgde hij korte tijd lessen bij César Franck. De titel ‘Clair de lune heeft’ Debussy ontleent aan een gedicht van Paul Verlaine. Harpist en componist Carlos Salzedo maakte de fraaie bewerking voor twee harpen.
DuoDyade (Marije Vijselaar en Colet Nierop)
Gesang aus Fingal (Johannes Brahms)
Johannes Brahms (1833 – 1897) bleek op op jonge leeftijd al een wonderkind te zijn. Tot groot verdriet van vader Brahms interesseerde zijn jongste zoon zich al vroeg voor een instrument dat hij nooit zou kunnen betalen: piano. Zelf was hij contrabassist en moest zich heel wat materiële offers getroosten voor de muziekopleiding van zijn wonderkind Johannes.
Gesang aus Fingal is het vierde deel uit Brahms ‘Gesänge für Frauenchor mit Begleitung von 2 Hörnern und Harfe’ wat hij schreef voor het vrouwenkoor uit Hamburg dat hij had opgericht in 1859.
Vrouwenkoor Davanti en Marije Vijselaar





